Telegeneeskunde
Familie op bezoek via de tv
22 JAN 2008
Twee verpleeghuizen bieden hun bewoners de mogelijkheid om via camera en
televisie contact te leggen met hun familie. Onderzoek van Prismant laat zien
dat de bewoners het wel waarderen maar dat ze zich er niet prettiger door
voelen.
Op kraamvisite bij een nieuw achterkleinkind. Dat was tot voor kort
onmogelijk voor mevrouw Jansen. Zij woont sinds enkele jaren in een verpleeghuis
en ze kan niet meer zelfstandig bij haar familie op bezoek. Sinds begin 2006
heeft zij een ‘telecontact’: een verbinding waarmee ze via haar televisie
contact kan maken met haar dochter. Zo kan ze toch de belangrijke gebeurtenissen
volgen zonder fysiek aanwezig te zijn.
Tien bewoners
Prismant volgde een jaar lang tien
bewoners en hun mantelzorgers die het concept uitproberen. Een mooi stukje
technologie dat meer aandacht verdient.
Mantelzorger
Begin 2006 is het project
Telecontact in het verpleeghuis gestart in de verpleeghuizen Sensire Den Ooiman
in Doetinchem en Sutfene, lokatie Slingerbosch in Zutphen. Met één druk op de
knop kan de verpleeghuisbewoner contact leggen met een mantelzorger. Via een
camera en televisie kunnen zij elkaar zien en spreken. Bonnes Venema, bestuurder
van Sutfene: "Wij zijn van mening dat welzijn en welbevinden van bewoners een
directe relatie heeft met zorgconsumptie: een bewoner die zich prettig voelt zal
minder snel een beroep doen op zorg. Om dit welzijn te ondersteunen, bieden
Sutfene en Sensire Telecontact aan."
Stabiele gezondheidssituatie
Aan de hand van vooraf opgestelde
criteria is een doelgroep voor Telecontact bepaald. Bewoners moeten in ieder
geval een stabiele gezondheidssituatie hebben, langer dan een jaar zorg
ontvangen, hun cognitieve vaardigheden moeten intact zijn en er moet voldoende
privacy voor contact zijn.
Meerwaarde
Annette Fritschy, directeur van verpleeghuis Den Ooiman: "Bewoners waren
unaniem enthousiast over Telecontact op zich. Toch gaven enkelen aan dat het
voor hen geen directe meerwaarde had. Dus waren we benieuwd voor wie het dan wél
een meerwaarde had." Zo gaven de bewoners aan dat er een wederzijdse behoefte
aan contact en motivatie tot contact moest zijn. Of, zoals een bewoner aangaf:
"M’n dochter is zo druk, druk druk, ik wil haar hier niet mee lastig vallen."
Frequentie
Een andere voorwaarde is de afstand tot de mantelzorger. Fritschy: "Veel
mantelzorgers wonen bij het verpleeghuis om de hoek en lopen dagelijks even
binnen. Het gaat juist om die zoon of dochter die veel verder woont: in de
Randstad, of in Frankrijk." Ook de frequentie van contact is van belang: hoe
meer contact bewoners met hun familie hebben, hoe minder Telecontact kan
bijdragen.
Meerwaarde
Het merendeel van de bewoners geeft aan dat Telecontact niet van invloed is
geweest op hun welbevinden. Bewoners voelen zich niet prettiger mét Telecontact
dan zonder. Maar de dienst heeft wel een duidelijke meerwaarde voor bewoners.
"We kunnen elkaar zien! En dan bedoel ik niet alleen m’n dochter, maar ook de
kleinkinderen, de verbouwing van de keuken. En ik kan met speciale dagen als
kerst ‘aanschuiven’", aldus een van de bewoners. Telecontact heeft dus een
meerwaarde boven gewoon telefonisch contact. Ook de mantelzorgers geven aan dat
het een extra dimensie in het contact is: "Alles wat bijdraagt aan een betere
kwaliteit van leven van de bewoner heeft een positieve invloed op ons!". De
laatste drie maanden van het project is er bijna 100 uur contact geweest via
Telecontact. Bewoners nemen vaker initiatief tot contact dan mantelzorgers. Zij
belden 70 uur en 30 minuten naar hun familie. Omgekeerd zochten mantelzorgers 25
uur en 52 minuten contact met de bewoners.
Geen effect merkbaar
Verondersteld werd dat medewerkers het positief zouden ervaren als
bewoners minder beroep op hen doen. Dit in verband met de vaak hoge
werkdruk. Medewerkers van beide locaties geven echter aan dat er geen
effect van Telecontact merkbaar is op de zwaarte van hun werkzaamheden.
Een andere vooronderstelling was dat Telecontact invloed heeft op de zorgvraag of zorgbehoefte
van een bewoner. Als een bewoner zich prettig voelt, zal hij minder
een beroep doen op de medewerkers.
Stabiel
Uit het onderzoek blijkt dat de gezondheidstoestand van de bewoners stabiel
is gebleven. Zowel bewoners als mantelzorgers als medewerkers geven aan dat de
zorgvraag niet in positieve of negatieve zin is veranderd door het gebruik van
Telecontact. Het kan wel zijn dat Telecontact heeft bijgedragen aan het stabiel
blijven van de gezondheidssituatie.
Kosten
Geen verbetering van welbevinden, maar wel een meerwaarde. Zijn er nog meer
positieve bevindingen? Venema: "Tijdens het onderzoek is een aantal andere
voorwaarden aan het licht gekomen die essentieel zijn bij het wel of niet
gebruiken van Telecontact. Heel simpel: technische storingen zijn reden geweest
om te stoppen. Je moet dus zorgen dat de techniek vlekkeloos werkt en problemen
snel opgelost worden.
Motiveren, begeleiden en stimuleren
Daarnaast mogen de kosten niet te hoog zijn." Fritschy
vult aan: "Hoe kunnen we Telecontact voor meer bewoners geschikt maken? De
medewerkers leveren daarin toch een belangrijke bijdrage: zij kunnen bewoners
motiveren tot gebruik, gebruik begeleiden en stimuleren. Ook moeten we de
introductie van Telecontact visueler en tastbaarder maken met bijvoorbeeld een
proefopstelling waar mensen kunnen oefenen."
Nieuwe media
De verwachting is dat voor de
aankomende generatie ouderen mogelijkheden als Telecontact en het gebruik van
nieuwe media steeds vanzelfsprekender worden. Daarmee zal ook de vraag naar dit
soort technologieën groeien. Telecontact is een voorbeeld van een innovatie
waarbij de gegevens uit de pilot worden gebruikt voordat tot verdere uitrol
wordt besloten. De ervaringen die nu opgedaan zijn, worden gebruikt om het
product verder te verbeteren.
Positief gevoel
Beide bestuurders zijn het erover eens: het is een leerzaam traject
geweest, het positieve gevoel overheerst. Sensire en Sutfene gaan mogelijkheden
onderzoeken om het product toe te voegen aan de diensten die ze op dit moment al
bieden. Bewoners en mantelzorgers die dat willen, moeten de mogelijkheid krijgen
om via deze nieuwe manier van communiceren bij elkaar op bezoek te gaan.
Meetinstrumenten
Prismant gebruikte diverse meetinstrumenten om de tien bewoners een jaar lang te volgen. De vragenlijst ‘Zicht op eigen leven’ (Actiz) is twee maal bij de bewoners in mondelinge interviews afgenomen om een beeld te krijgen van hoe zij in het leven staan. De mantelzorgers kregen ook bij het begin en einde een vragenlijst, onder andere over welbevinden en autonomie van bewoners.
Prismant gebruikte diverse meetinstrumenten om de tien bewoners een jaar lang te volgen. De vragenlijst ‘Zicht op eigen leven’ (Actiz) is twee maal bij de bewoners in mondelinge interviews afgenomen om een beeld te krijgen van hoe zij in het leven staan. De mantelzorgers kregen ook bij het begin en einde een vragenlijst, onder andere over welbevinden en autonomie van bewoners.
Zorgzwaarte
Gedurende het jaar zijn er vier metingen van de bewoners vastgelegd in
RAIview. Hiermee is inzicht verkregen in het verloop van de zorgzwaarte en
lichamelijk en geestelijk welbevinden van de bewoners. Prismant voerde
gesprekken met medewerkers van Sensire en Sutfene. Tot slot zijn de belgegevens
van Telecontact verzameld.
Auteurs:Joris Stavenuiter en Sorien Kleefstra, medewerkers van
Prismant
Dit artikel verscheen eerder in ICTzorg magazine, nr. 4 juli/augustus
2007


zibb.nl home
